Tag Archives: Social Media

Thanksgiving

Er zijn behoorlijk veel dingen waar ik dankbaar voor ben. Het is buitengewoon klote om een beperking te hebben. Om arbeidsongeschikt te zijn. Om zo ongelooflijk weinig energie te hebben. Maar als je dan toch een beperking moet hebben, dan is dit wel een waarachtig mooie tijd om een beperking te hebben.

Tijd voor een lijstje van dingen waar ik ontzettend dankbaar voor ben:

Een zonnebril. Ik ga de deur nooit meer uit zonder mijn zonnebril. Het licht is, zelfs als de regen met bakken uit de lucht komt, altijd te fel. Ook vind ik het heerlijk om me achter te verstoppen. Het is net of er toch wat minder prikkels binnen kunnen komen. Sinds kort heb ik een zonnebril op sterkte met allerlei extra fancy schmancy opties. Polariserende glazen die zorgen dat ik minder last heb van weerkaatsend licht en laagstaande zon en zelfs ontspiegeling aan de binnenkant. Deze tijd van het jaar is dat heel prettig.
In hetzelfde genre prijs ik me ook enorm gelukkig met mijn oordoppen. Aangezien ik alle geluiden hoor en alle geluiden ook nog eens harder hoor, is het soms heerlijk om me daar een beetje voor te kunnen afsluiten. Om overdag gewoon te kunnen slapen. Om een tripje in het OV enigzins aan te kunnen. Tegenwoordig heb ik op maat gemaakte oordoppen. Die zijn heul erg fijn.

Zou er geen e-reader bestaan, dan zou ik niet meer lezen. Met e-reader nog altijd maar maximaal 4 boeken per jaar. Maar hé, 4 is beter dan niks. En gelukkig zijn er ook nog luisterboeken. Door de luisterboeken kom ik toch nog op zo’n 12-15 boeken per jaar. Fantastisch dat het bestaat, al is het voor mij niet te vergelijken met zelf lezen. Maar daar heb ik het al eerder over gehad. Vandaag ben ik er blij mee. En dankbaar voor.

Webwinkels. Ik háát shoppen. Of het nou gaat om de gewone boodschappen, cadeautjes voor anderen, kleren of meubels, ik wil het niet. In winkels zijn veel andere mensen, is vaak muziek en dan moet ik in die prikkelrijke omgeving ook nog keuzes maken. Not gonna happen. En dus shop ik vrijwel alles online. Geprezen zijn de Albert, Hello Fresh (hoef ik ook niet meer te bedenken wát ik moet kopen, soms ook een onmogelijke opgave), Thuisbezorgd, en al die andere webwinkels. Want mensen, je kant echt ALLES online kopen. Fijn fijn fijn.

Social Media. Vanuit mijn luie, prikkelarme stoel toch volop kunnen ouwehoeren met al mijn vrienden en andere gezellige online mensen. Van Facebook tot What’s App, ik zou zonder toch een heel stuk eenzamer zijn. De vele blogs van en het virtuele contact met lotgenoten hebben me enorm geholpen toen ik nog zoekende was en zijn nog altijd zeer waardevol. Nu ik het er toch over heb, het hele internet is eigenlijk tamelijk fantastisch. Dat weten jullie ook wel, maar man man man, wat redt dat internet je leven als je aan huis gebonden bent.

Ik ben ook enorm dankbaar voor onze sociale zekerheid. Het is al klote genoeg dat ik niet meer kan werken, maar omdat ik toevallig in dit land geboren ben en leef, betekent dat godzijdank niet dat ik ook geen dak meer boven mijn hoofd heb en, op straat levend met mijn schurfterige hond, mijn hand op moet houden voor een beetje eten. Algehele dankbaarheid voor dit suffe landje en haar verzorgingsstaat. Ik ben over het algemeen een stuk kritischer geworden op de gezondheidszorg sinds ik er vaste klant van ben, maar er gaat ook ontzettend veel goed. Ik krijg – en heb gekregen – zoveel goede professionele hulp, zorg en begeleiding en ben daar heel blij mee.

Mijn advocaat is top. Nooit gedacht dat ik ooit een advocaat zou hebben, maar dat went best snel. Zo fijn dat er iemand is met zoveel kennis van zaken die de hele verzekeringskwestie en letselschade voor mij waarneemt.

Dan heb ik sinds kort ook nog een verhuisplanner. Briljant dat het bestaat. Het betekent dat ik zo’n beetje mijn hele verhuizing uit handen kan geven, dat ik maar met één iemand hoef te communiceren en niet over-the-top gestresst raak van de kleinste dingen die bij een verhuizing komen kijken. Want die verhuizing, dat is een dingetje hoor. Daar heb ik enorm naar uit gekeken, maar drie dagen na het nieuws van de woning zat er al zoveel stress in mijn lijf, dat er chemische middelen aan te pas moesten komen om weer enigszins te bedaren. Een geruststellend mailtje van de verhuisplanner is dan heel prettig. Maar ook voor het bestaan van die chemische middelen ben ik behoorlijk dankbaar. Soms zijn mijn overprikkelde hoofd en lijf met alle ontspanningsoefeningen, meditaties en kamillethee van de wereld niet tot bedaren te brengen en dan is het heel prettig om een toevlucht te kunnen zoeken tot iets minder natuurlijke middelen.

Terwijl ik dit schrijf, kruipt mijn lieve lieve kat op schoot. Hier is de dankbaarheid wederzijds. De kat heeft geen klagen nu ik zoveel thuis ben en op de bank bivakkeer. En ik geniet er enorm van dat het beest wel 10x per dag tegen me aan kruipt. Ook een goede mindfulness-oefening trouwens, de kat aaien. Alleen de kat aaien en verder niks.

Zo kan ik nog wel even doorgaan. Het is een boel gezeik de laatste tijd. Het is ook niet echt het makkelijkste jaar van mijn leven. Maar man, wat is er veel om dankbaar voor te zijn. Want ik heb het nog niet eens gehad over alle lieve mensen in mijn omgeving. Ook voor jullie: dankjewel dat jullie zo geduldig zijn en over voldoende aanpassingsvermogen beschikken om toch in mijn leven te (willen) blijven.

2013-03-20 13.06.37

Beetje veel

Het is allemaal een beetje veel. En doordat het allemaal een beetje veel is, wordt ook een beetje, veel.

Sinds ik hersenletsel heb is het al snel te veel. Het lijkt wel of mijn hoofd kleiner is geworden, er past maar heel weinig in. Als er iets groots speelt in mijn leven, valt al het andere gewoon uit mijn hoofd. Ik ben het volledig kwijt. Ik denk er niet meer aan. Er is geen ruimte meer voor. En dan, ineens, is het er weer. Popt het weer op. Als ik er dan niet meteen iets mee doe, verdwijnt het net zo snel weer.

Op dit moment is het heel veel. De ziekte van mijn moeder neemt – logisch – erg veel ruimte in mijn hoofd. Toen mijn moeder net ziek was, overleed een oud-collega. Nog steeds zeg ik minstens 1x per week tegen mezelf: ‘P. is dood’, want er is geen ruimte geweest of gekomen om dat een plek te geven. Ik kon niet naar de begrafenis en het is door de situatie met mijn moeder bijna langs me heen gegaan. Ik moet mezelf er echt aan herinneren dat hij P. er niet meer is. Maar het past nog steeds niet in mijn hoofd.

De ziekte van mijn moeder en het overlijden van collega P. zijn niet de enige dingen die ruimte innemen of zoeken in mijn hoofd. Er staat ook een verhuizing op stapel. Nu staat die verhuizing al een tijd op stapel, maar het kan nu toch echt niet lang meer duren voor ik een huis heb. Een verhuizing is ook HEEL ERG GROOT. Met alleen een verhuizing zou mijn hoofd al propvol zijn. Maar mijn moeder is ook nog ziek.

Tussendoor worden ogenschijnlijk kleine dingen ook enorm: ga ik met oud & nieuw een weekje weg met vriendin M. en haar gezin (lees: 2 kinderen onder de twee)? Trek ik het dan in één huisje of wil ik een ruimte voor mezelf? Hoeveel geld heb ik daar voor over? Ik krijg de keuze niet gemaakt, de beslissing niet genomen.

Ga ik, zoals ieder jaar, Sinterklaas vieren met mijn vriendinnen? Ik ben dol op Sinterklaas en moet ook echt leuke dingen blijven doen, maar is het niet te veel nu? Is alles niet te veel nu? Ik moet dan nadenken over cadeautjes, suprise en gedicht, die ook nog kopen en maken met mijn volle hoofd en ook nog de viering zelf kunnen doorstaan. Moeilijk moeilijk.

Ga ik voor een onderzoek naar het ziekenhuis in Utrecht, naar een arts die mij is aangeraden? Of kies ik voor het comfort van Amsterdam?

Ga ik naar mijn ouders of blijf ik thuis? Bezoek ik mijn moeder in het ziekenhuis nu wel of niet? Kan ik nu wel of geen boodschappen bestellen deze week? Welke zonnebril moet ik kiezen?

Keuzes maken. Beslissingen nemen. Ik was er al nooit goed in. Toen vriendin R. aanbood booschappen langs te brengen, wilde ik dat maar al te graag accepteren, maar ik kon, for the life of me, niet bedenken wát ze dan moest brengen. Bij de opticien heb ik van de week 6x van bril gewisseld, zelfs nadat de brillenmeneer mijn keuze al had genoteerd. Mijn hoofd is te vol. Het is een beetje veel allemaal.

Steeds denk ik: ‘als dit maar voorbij is’ of ‘als dat eenmaal gebeurd is’, dan komt het goed. Dan heb ik weer ruimte in mijn hoofd en kan ik weer nieuwe dingen ondernemen. Maar wat als er steeds maar grote dingen blijven komen? Wanneer wordt een beetje veel veel te veel?

How a Phoebe becomes a Monica

Sinds mijn ongeluk heb ik een vrij actief sociaal leven op het wereldwijde web. En op dat wereldwijde web heb ik allerlei buitengewoon georganiseerde mensen gevonden. Of mensen die zich buitengewoon georganiseerd weten te presenteren. Hoe het ook zij, het maakt dat ik nu niets liever wil in mijn leven dan ook zo georganiseerd zijn als deze mensen.

Zojuist las ik het blog van virtuele vriend Susannah, flauwekulletjes. Susannah is sowieso een aanrader als virtuele vriend. Nou moet u niet denken dat ik dat alleen maar zeg, omdat ik van haar een boekje met recepten heb gekregen en ze me een wii fit heeft beloofd, ze is namelijk ook gewoon heel gevat, geestig en grappig (wat wellicht drie woorden voor eenzelfde kwaliteit zijn, maar dit terzijde). Later als ik groot ben wil ik bovendien haar leven. Deze lofzang terzijde, het ging me om haar organisatietalent. Zelfs haar blog is georganiseerd op een manier waar ik alleen van kan dromen. Compleet met wekelijks terugkerende rubrieken en alles. Deze week weer een lijstje met dingen die voor de zomervakantie gedaan moeten worden. Het lijstje lezend raak ik overvallen door een vlaag van jaloezie. Ik wil ook zo’n lijstje. De oplettende lezer zal mij nu wijzen op een eerder blog, Lijstjes getiteld, waarin ik schreef dat ik van alles lijstjes maak. Maar, oplettende lezer, u moet het maken van lijstjes niet verwarren met georganiseerdheid. Dit zijn twee zeer verschillende dingen. In lijstjes maken ben ik heel goed. Ik heb er honderden. Op duizenden plekken in mijn huis. Zie daar het gebrek aan organisatie.

Ik kan het mezelf ook niet kwalijk nemen. Ik was altijd al minimaal georganiseerd. Want ik onthield alles. En verder deed ik vooral wat er op dat moment in me op kwam en dat ging 9 van de 10 keer goed. Ik stelde nooit doelen, had geen enkele ambitie, kortom: deed waar ik zin in had c.q. wat absoluut dringend was. Daarmee was ik plenty druk en en passant haalde ik ook nog doelen die ik mezelf niet eens gesteld had. Maar het grote plan in mijn leven ontbrak. Ik was net als Phoebe:

Mijn leven is nu ietsjes anders. Als je niet meer werkt, een sterk geslonken sociaal en cultureel leven hebt en veel moet rusten, ligt de lethargie op de loer. Als je dan, zoals ik, gewoon bent je te laten leiden door je impulsen, kan het maar zo dat er dagen voorbij gaan zonder dat je iets noemenswaardigs doet. Dat is prima voor een week of wat, houd ik zelfs wel een paar maanden vol, maar dan moet er toch iets anders. Er moeten doelen gesteld! In het revalidatiecentrum heb ik dat ook geleerd als één van de regels van Time Self Management: stel doelen. Klein en groot. Dus dat doe ik braaf. Klein: je moet uit bed. Groot: ik wil een boerderij. Ziet u het probleem? Niet echt SMART, om maar iets te noemen. Ik ben vooral heel erg goed in uitsteldoelen. Ik heb een enorme als..dan-mentaliteit ontwikkeld. Als ik ga revalideren dan…. Als ik klaar ben met revalideren dan… Als ik ga werken dan… Als ik niet meer hoef te werken dan… En de grootste als..dan: als ik ben verhuisd dan… Dan gaat namelijk echt álles gebeuren. Dan ga ik hardlopen, op m’n nichtje passen, m’n eigen groente kweken, een naaicursus volgen, me oriënteren op (vrijwilligers)werk, enz. enz. Als ik ben verhuisd, dan komt alles goed.

Mijn ergotherapeut weet mij steeds te wijzen op deze valkuil. Want voorlopig ben ik niet verhuisd. Dus doe ik niets. Want als ik ben verhuisd komt het allemaal goed en het heeft geen zin om er nu mee te beginnen, want dan lukt het toch niet. Ik maak ook al maanden geen weekplanningen meer. Want ik heb een overdetopsuperfantastisch systeem in mijn hoofd, waarmee de weekplanningen echt superdeluxefantastisch worden. Alleen heb ik voor dat systeem een whiteboard nodig en moet ik magneten maken en en en… en in de tussentijd voldoet een planning op simpel papier niet meer. De ergotherapeut dwingt me uit mijn perfecte plannen één element te halen wat me het meest aanspreekt en dát alvast te realiseren. Of het superdeluxe plan in stukjes te hakken. Wat ik dan braaf één of twee keer doe en dan is er alweer iets anders, dringenders dat mijn aandacht vraagt. Of ik loop vast. Zo ben ik vast op zoek gegaan naar whiteboards voor mijn planningen -immers stap 1- en vond de meest prachige exemplaren. Maar die kosten een lieve duit. Dus daar moet ons Rosie eerst eens goed over nadenken. En dan gaan er zomaar alweer een paar maanden voorbij zonder whiteboard en zonder planningen.

Mijn grote organisatievoorbeeld is Marloes. Zij stelt zichzelf doelen, maakt een plan, hakt dat in stukjes en voert het uit. Precies zoals ik dat ook zou willen doen. Of het nu gaat om het opruimen van de berging, het uitzoeken van de kledingkast, het plannen van een dagje weg of een verhuizing, alles volgens plan. Ik heb dat ook nodig. Niet eens zozeer omdat mijn gekke hoofd het overzicht niet meer heeft of niet goed kan plannen, maar vooral omdat ik het nodig heb om doelen te hebben. Doelen die SMART geformuleerd zijn. Ook in drukke of roerige tijden. Leuke doelen, praktische doelen, nuttige doelen. Het maakt niet uit. Zolang ik maar een doel heb in mijn leven.

Dus hierbij formuleer ik mijn doel voor de komende tijd: doelen stellen. Nu moet ik dat alleen nog even SMART maken. Sja. Misschien als ik ben verhuisd? Dan komt alles goed. Dan word ik een Susannah. Of een Marloes. Of een Monica.