Tag Archives: Revalidatie

Puberty strikes again

Toen ik ergens achter in de twintig was, had ik het eindelijk bereikt: rust. Balans. Ik had mezelf gevonden (brr). Dat was niet zonder slag of stoot gegaan. Een matige basisschooltijd, gevolgd door de puberteit, adolescentie en een milde quarterlifecrisis, maar nu was ik er. Tevreden. Tuurlijk, af en toe twijfelde ik nog over werk, baby’s en wat dies meer zij, maar het echte stormen, dat was voorbij.

Het stormen. Wat is dat vermoeiend. Ontdekken wie je bent, waar je staat, wat je vindt, wat je rol is in de wereld. Meewaaien met vriendinnen, dingen eens op hún manier proberen, onderzoeken of dat ook voor jou werkt om er na een lange wervelende achtbaan achter te komen dat de keuzes van die vriendin waar je zo tegen op kijkt, toch niet de jouwe zijn.

Pas toen het stormen voorbij was, tweede helft twintig in mijn geval, was ik echt gelukkig. Want ik was tevreden. En in dat geluk, in die tevredenheid, was stabiliteit. Soms had ik de behoefte de boel nog even flink om te gooien, de stabiliteit af te schudden, maar ik moest steeds weer erkennen dat die stabiliteit de betere optie was.

‘Je hebt je balans nog niet gevonden’, zei vriendin R. een tijdje geleden.

Fuck. Ja.

Ik ben al ruim 2,5 jaar bezig en heb hem nog steeds niet gevonden. Terwijl vriendinnen grootste stappen maken in hun leven, huizen kopen, kinderen op de wereld zetten, ben ik al fucking 2,5 jaar bezig met het hervinden van mezelf (brr).

Wie ben ik? Wat vind ik belangrijk? Wat is mijn plek in de wereld? Wat is mijn rol in de maatschappij? Waar haal ik voldoening uit? Wat geeft mij ontspanning? Wat zijn mijn passies? Ik ben keihard teruggeschoten in de puberteit. Gadverdamme.

Mijn letsel was niet van dien aard dat ik opnieuw moest leren lopen, opnieuw leren praten, opnieuw zindelijk moest worden, opnieuw moest leren eten. Maar de vergelijking die je zo vaak hoort in zo’n geval ‘hij was weer kind, hij moest alles opnieuw leren’ gaat op een bepaalde manier wel op. Ik moet opnieuw ontdekken wie ik ben, opnieuw leren wat ik belangrijk vind, wat mijn plek in de wereld is. Doordat er zoveel dingen zijn veranderd in mijn leven, ben ík veranderd. Is mijn kijk op de wereld veranderd. Zijn mijn relaties veranderd.

Was ik de afgelopen periode vooral op zoek naar mijn grenzen en mogelijkheden, nu mag ik lekker op zoek naar mezelf (brr). Jippie.

How a Phoebe becomes a Monica

Sinds mijn ongeluk heb ik een vrij actief sociaal leven op het wereldwijde web. En op dat wereldwijde web heb ik allerlei buitengewoon georganiseerde mensen gevonden. Of mensen die zich buitengewoon georganiseerd weten te presenteren. Hoe het ook zij, het maakt dat ik nu niets liever wil in mijn leven dan ook zo georganiseerd zijn als deze mensen.

Zojuist las ik het blog van virtuele vriend Susannah, flauwekulletjes. Susannah is sowieso een aanrader als virtuele vriend. Nou moet u niet denken dat ik dat alleen maar zeg, omdat ik van haar een boekje met recepten heb gekregen en ze me een wii fit heeft beloofd, ze is namelijk ook gewoon heel gevat, geestig en grappig (wat wellicht drie woorden voor eenzelfde kwaliteit zijn, maar dit terzijde). Later als ik groot ben wil ik bovendien haar leven. Deze lofzang terzijde, het ging me om haar organisatietalent. Zelfs haar blog is georganiseerd op een manier waar ik alleen van kan dromen. Compleet met wekelijks terugkerende rubrieken en alles. Deze week weer een lijstje met dingen die voor de zomervakantie gedaan moeten worden. Het lijstje lezend raak ik overvallen door een vlaag van jaloezie. Ik wil ook zo’n lijstje. De oplettende lezer zal mij nu wijzen op een eerder blog, Lijstjes getiteld, waarin ik schreef dat ik van alles lijstjes maak. Maar, oplettende lezer, u moet het maken van lijstjes niet verwarren met georganiseerdheid. Dit zijn twee zeer verschillende dingen. In lijstjes maken ben ik heel goed. Ik heb er honderden. Op duizenden plekken in mijn huis. Zie daar het gebrek aan organisatie.

Ik kan het mezelf ook niet kwalijk nemen. Ik was altijd al minimaal georganiseerd. Want ik onthield alles. En verder deed ik vooral wat er op dat moment in me op kwam en dat ging 9 van de 10 keer goed. Ik stelde nooit doelen, had geen enkele ambitie, kortom: deed waar ik zin in had c.q. wat absoluut dringend was. Daarmee was ik plenty druk en en passant haalde ik ook nog doelen die ik mezelf niet eens gesteld had. Maar het grote plan in mijn leven ontbrak. Ik was net als Phoebe:

Mijn leven is nu ietsjes anders. Als je niet meer werkt, een sterk geslonken sociaal en cultureel leven hebt en veel moet rusten, ligt de lethargie op de loer. Als je dan, zoals ik, gewoon bent je te laten leiden door je impulsen, kan het maar zo dat er dagen voorbij gaan zonder dat je iets noemenswaardigs doet. Dat is prima voor een week of wat, houd ik zelfs wel een paar maanden vol, maar dan moet er toch iets anders. Er moeten doelen gesteld! In het revalidatiecentrum heb ik dat ook geleerd als één van de regels van Time Self Management: stel doelen. Klein en groot. Dus dat doe ik braaf. Klein: je moet uit bed. Groot: ik wil een boerderij. Ziet u het probleem? Niet echt SMART, om maar iets te noemen. Ik ben vooral heel erg goed in uitsteldoelen. Ik heb een enorme als..dan-mentaliteit ontwikkeld. Als ik ga revalideren dan…. Als ik klaar ben met revalideren dan… Als ik ga werken dan… Als ik niet meer hoef te werken dan… En de grootste als..dan: als ik ben verhuisd dan… Dan gaat namelijk echt álles gebeuren. Dan ga ik hardlopen, op m’n nichtje passen, m’n eigen groente kweken, een naaicursus volgen, me oriënteren op (vrijwilligers)werk, enz. enz. Als ik ben verhuisd, dan komt alles goed.

Mijn ergotherapeut weet mij steeds te wijzen op deze valkuil. Want voorlopig ben ik niet verhuisd. Dus doe ik niets. Want als ik ben verhuisd komt het allemaal goed en het heeft geen zin om er nu mee te beginnen, want dan lukt het toch niet. Ik maak ook al maanden geen weekplanningen meer. Want ik heb een overdetopsuperfantastisch systeem in mijn hoofd, waarmee de weekplanningen echt superdeluxefantastisch worden. Alleen heb ik voor dat systeem een whiteboard nodig en moet ik magneten maken en en en… en in de tussentijd voldoet een planning op simpel papier niet meer. De ergotherapeut dwingt me uit mijn perfecte plannen één element te halen wat me het meest aanspreekt en dát alvast te realiseren. Of het superdeluxe plan in stukjes te hakken. Wat ik dan braaf één of twee keer doe en dan is er alweer iets anders, dringenders dat mijn aandacht vraagt. Of ik loop vast. Zo ben ik vast op zoek gegaan naar whiteboards voor mijn planningen -immers stap 1- en vond de meest prachige exemplaren. Maar die kosten een lieve duit. Dus daar moet ons Rosie eerst eens goed over nadenken. En dan gaan er zomaar alweer een paar maanden voorbij zonder whiteboard en zonder planningen.

Mijn grote organisatievoorbeeld is Marloes. Zij stelt zichzelf doelen, maakt een plan, hakt dat in stukjes en voert het uit. Precies zoals ik dat ook zou willen doen. Of het nu gaat om het opruimen van de berging, het uitzoeken van de kledingkast, het plannen van een dagje weg of een verhuizing, alles volgens plan. Ik heb dat ook nodig. Niet eens zozeer omdat mijn gekke hoofd het overzicht niet meer heeft of niet goed kan plannen, maar vooral omdat ik het nodig heb om doelen te hebben. Doelen die SMART geformuleerd zijn. Ook in drukke of roerige tijden. Leuke doelen, praktische doelen, nuttige doelen. Het maakt niet uit. Zolang ik maar een doel heb in mijn leven.

Dus hierbij formuleer ik mijn doel voor de komende tijd: doelen stellen. Nu moet ik dat alleen nog even SMART maken. Sja. Misschien als ik ben verhuisd? Dan komt alles goed. Dan word ik een Susannah. Of een Marloes. Of een Monica.