Monthly Archives: November 2013

Fight or Flight

Toen Sisyfus zich meedere malen had misdragen tegenover de goden, kreeg hij van Zeus een verschrikkelijke straf. Hij kreeg de taak een geweldig blok marmer een heuvel op te wentelen. Met onbeschrijflijke moeite ging hij aan het werk, zette zich schrap en kreeg het voor elkaar het enorme blok in beweging te krijgen. Steeds als hij bijna de top had bereikt, ontsnapte daar op het allerlaatste ogenblik het rotsblok aan zijn handen en rolde helemaal naar beneden. Hij moest opnieuw beginnen. Maar eenmaal bijna boven verloor hij wederom de macht over het blok. Steeds weer, eeuw na eeuw, moest Sisyphus het blok omhoog brengen, en niet één keer gelukte het hem zijn taak te volbrengen. 

Ik ben nogal een romanticus. Ik ben geneigd overal een romantisch beeld van te hebben. Zo leek het me sinds Girl, interrupted en One Flew Over The Cuckoo’s Nest fantastisch eens opgenomen te zijn in een psychiatrische inrichting. Nadat ik 28 days een paar keer zag leek een maandje rehab me een feestje. Natuurlijk wist ik dat dit maar films waren. Maar die gedachte weerhield me er als kind ook niet van om hoer (Pretty Woman) of non (Sound of Music) te willen worden. 

Je leest van die verhalen over mensen die een enorme vechtlust ontwikkelen als ze ziek zijn. Lukt het ze niet om hun ziekte te verslaan, gebruiken ze die vechtlust wel om andere prachtige dingen te doen. Ze zetten foundations op, schrijven boeken, helpen anderen en zijn een inspiratiebron voor velen. Romanticus die ik ben, hoopte ik ook zo’n vechter te zijn, mocht mij ooit iets overkomen. 

Ik heb er geen zin meer in. Een revalidatiecentrum heeft niets romantisch. Het is keihard werken zonder ooit beter te worden. Een Sisyfusarbeid van jewelste. Ik doe mijn best om het beetje vechtlust dat mij rest in te zetten. Maar wat is de realiteit hard. In het echte leven staat Richard Gere niet met een bos bloemen onder aan de brandtrap van een hoer op de wallen. In het echte leven trouwt een non niet met Christopher Plummer. Een lifetime-movie over mijn revalidatie of die van de vele anderen in het revalidatiecentrum zou weinig publiek trekken. 

Ik zou willen dat ik die vechter was. Ik doe mijn best. Soms lukt het me. Een Malala zal ik niet worden, maar ik laat het er niet bij zitten. Ik ga niet in een hoekje zitten huilen om wat mij is overkomen. Maar de vechtlust begint op te raken. Het wordt zwaarder en zwaarder. Vluchten wordt steeds aanlokkelijker. Wegrennen. De ogen sluiten. Opgeven.

Mag Sisyfus alsjeblieft onder aan de heuvel blijven zitten? 

Het meisje dat graag dwalen zou

Er was eens een meisje. Ze woonde in een heel groot huis met vele kamers. In sommige kamers was ze zelfs nog nooit geweest, zo groot was het huis. Als ze zin had ging ze aan de wandel en dwaalde door het grote huis. Ze ontdekte steeds nieuwe plekjes. 

Op een dag werd het meisje wakker in een heel klein huis. Het huis had maar één kamer. Een heel kleine kamer. Eerst was dat niet erg. Het meisje had genoeg aan die ene kleine kamer. Maar na een tijdje wilde ze aan de wandel. Ze wilde dwalen. Iedere dag weer liep ze tegen de muren van haar kleine kamer op. Ze was immers niet gewend dat daar muren stonden. 

Nadat ze talloze malen tegen de muren aan was gelopen, had ze haar lesje geleerd. Deze kamer was een stuk kleiner dan haar oude huis. Dit zag ze in en ze liep niet langer tegen de muur op. Maar ze verlangde wel terug naar haar oude huis. Het meisje was boos en verdrietig. Iedere keer dat ze een kort stukje had gelopen, kwam ze alweer bij een muur aan. Ze wilde zo graag weer dwalen.  

Een hele poos later was ze aan haar kamer gewend. Met vallen en opstaan had ze de grenzen van haar kamer leren kennen. Ze had zich talloze malen gestoten, maar had daar van geleerd. Ze was nog steeds soms boos, ze was nog steeds soms verdrieitig. Maar nu genoot ze ook van haar kleine kamer. Ze wist ieder hoekje van haar kamer te benutten. Nu het meisje goed wist waar de muren stonden, hoe groot haar kamer was, ervoer ze binnen de grenzen van haar kamer een nieuwe vrijheid. Zo is het goed, dacht het meisje.

Gaandeweg kreeg het meisje hulp. Het meisje leerde met die hulp ieder hoekje van haar kamer te benutten. Leerde om niet meer tegen de muren aan te lopen en leerde om niet meer boos te worden dat die muren daar nu stonden. Met die hulp gaat ze nu proberen sommige muren te verplaatsen. Om een muur te verplaatsen is veel kracht nodig, veel inspanning en veel geduld. Je mag de muur ook niet te ver verplaatsen, dan stort het hele huis in. Stapje voor stapje, steentje voor steentje probeert het meisje een muur te verplaatsen. Een heel heel klein stukje. Zodat ze toch weer een klein beetje kan dwalen.